Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

Aanslag vennootschapsbelasting

De vennootschapsbelasting is een aanslagbelasting. Dat betekent dat de Belastingdienst berekent hoeveel vennootschapsbelasting de stichting of vereniging moet betalen. Deze berekening staat samen met de betaalgegevens op de aanslag.  

Geen vennootschapsbelasting betalen

Soms hoeft de stichting of vereniging geen vennootschapsbelasting te betalen. Bijvoorbeeld omdat de vrijstelling vanwege de hoogte van de fiscale winst geldt. Ook dan ontvang je een aanslag vennootschapsbelasting. De stichting of vereniging hoeft dan volgens de berekening op deze aanslag geen vennootschapsbelasting te betalen.

Er zijn 4 soorten aanslagen vennootschapsbelasting. Deze worden hieronder kort uitgelegd. Er staat ook uitleg over wat je kan doen als je het niet eens bent met de aanslag.

Ter informatie!  Bezwaar

Ben je het niet eens met de belastingplicht voor de vennootschapsbelasting? Ook dan kan je bezwaar maken. Hoe je dat doet lees je in het antwoord op de veelgestelde vraag daarover.

Voorlopige aanslag

Doet de stichting of vereniging al langer aangifte en betaalt zij meestal vennootschapsbelasting? Dan kan het zijn dat je aan het begin van een nieuw boekjaar een voorlopige aanslag ontvangt van de Belastingdienst. Op deze aanslag staat een voorlopige berekening van de te betalen vennootschapsbelasting in het nieuwe boekjaar. De stichting of vereniging betaalt de vennootschapsbelasting dus vooruit. Hoe je betaalt en voor welke datum dat moet, staat op de voorlopige aanslag vermeld. Bij de voorlopige berekening van de te betalen vennootschapsbelasting gaat de Belastingdienst uit van aangiftegegevens van eerdere boekjaren.

Voorlopige aanslag na ontvangst aangifte

De Belastingdienst kan ook na ontvangst van een aangifte vennootschapsbelasting een voorlopige aanslag versturen. Je ontvangt dan een voorlopige aanslag na afloop van een boekjaar. Dat doet de Belastingdienst als er nog geen definitieve aanslag kan worden verstuurd. Bijvoorbeeld omdat de aangifte over het afgesloten boekjaar nog niet inhoudelijk is beoordeeld.

Te lage of te hoge voorlopige aanslag

Controleer altijd de voorlopige aanslag die je ontvangt. Verwacht je een hogere of lagere belastbare winst dan het bedrag dat op de aanslag staat? Vraag dan een wijziging van de voorlopige aanslag aan. Zo voorkom je dat de stichting of vereniging later moet bijbetalen. Of pas laat de te veel betaalde vennootschapsbelasting terugkrijgt.

Niet eens met de voorlopige aanslag

Ben je het niet eens met de voorlopige aanslag? Ook dan vraag je een wijziging aan. Je kan namelijk geen bezwaar maken tegen een voorlopige aanslag.

Zelf een voorlopige aanslag aanvragen

Heeft de stichting of vereniging aan het begin van een boekjaar geen voorlopige aanslag ontvangen van de Belastingdienst? Dan kan je ook zelf een voorlopige aanslag aanvragen.

Voorlopige aanslag wijzigen of zelf aanvragen

Het wijzigen of aanvragen van een voorlopige aanslag regel je zelf. Hoe je dat doet lees je op de internetsite van de Belastingdienst.

Definitieve aanslag

Als de aangifte van de stichting of vereniging door de Belastingdienst is verwerkt ontvang je een definitieve aanslag vennootschapsbelasting. Op deze aanslag staat de definitieve berekening van de vennootschapsbelasting. Als de stichting of vereniging volgens deze berekening moet betalen, lees je op de aanslag hoe je kan betalen en voor welke datum dat moet.

Heeft de stichting of vereniging eerder een voorlopige aanslag gekregen? Dan houdt de Belastingdienst rekening daarmee bij de definitieve berekening.

Niet eens met de definitieve aanslag

Ben je het niet eens met de definitieve aanslag vennootschapsbelasting omdat deze te hoog is? Dan kan je bezwaar maken. Is de definitieve aanslag juist te laag? Dan doe je een verzoek tot navordering. Meer informatie hierover lees je op de pagina Een vergissing gemaakt, wat nu?.

Ambtshalve aanslag

De Belastingdienst stuurt een herinneringsbrief en een aanmaning als de aangifte vennootschapsbelasting niet op tijd binnen is. Doe je ook geen aangifte binnen de termijn die op de aanmaning staat? Dan ontvangt de stichting of vereniging een ambtshalve aanslag.

Op de ambtshalve aanslag staat een schatting van de te betalen vennootschapsbelasting. Ook krijgt de stichting of vereniging een verzuimboete, omdat er niet op tijd aangifte is gedaan.

Meer informatie over de boete lees je op de internetsite van de Belastingdienst.

Niet eens met de ambtshalve aanslag

Ben je het niet eens met de ambtshalve aanslag omdat deze te hoog is? Dan kan je bezwaar maken. Is de ambtshalve aanslag juist te laag? Dan doe je een verzoek tot navordering. Dat kan in beide gevallen door alsnog aangifte vennootschapsbelasting te doen. Hoe je aangifte kan doen lees je op de pagina Hoe doe je aangifte vennootschapsbelasting?.  

Voor een bezwaar en een verzoek tot navordering gelden dezelfde regels als bij een te hoge of een te lage definitieve aanslag. Lees daarom de uitleg op de pagina Een vergissing gemaakt, wat nu?. Waar definitieve aanslag staat lees je: ‘ambtshalve aanslag’. Waar foutieve aangifte staat lees je: ‘geen aangifte’.

Navorderingsaanslag

Het kan zijn dat de stichting of vereniging meer vennootschapsbelasting moet betalen dan eerder is berekend. Dat kan bijvoorbeeld komen door een fout in de aangifte. Of door een te lage schatting, omdat er geen aangifte is gedaan. Het kan ook komen door een fout van de Belastingdienst. Bijvoorbeeld doordat een verlies of een voorlopige aanslag verkeerd is verrekend met de te betalen vennootschapsbelasting. De stichting of vereniging ontvangt dan een navorderingsaanslag voor de extra verschuldigde vennootschapsbelasting.

Meer informatie over wanneer de stichting of vereniging een navorderingsaanslag krijgt, tot wanneer zij deze kan krijgen en wat de gevolgen zijn lees je op de internetsite van de Belastingdienst.  

Niet eens met de navorderingsaanslag

Ben je het niet eens met de navorderingsaanslag? Dan kan je bezwaar maken. Dat kan op 2 verschillende manieren.

Optie 1: formulier Bezwaar zakelijk

Stuur binnen 6 weken na de datum van de navorderingsaanslag het ingevulde formulier Bezwaar zakelijk naar:

Belastingdienst/Centrale administratieve processen
Postbus 2572
6401 DB Heerlen

Optie 2: brief naar het belastingkantoor

Stuur binnen 6 weken na de datum van de navorderingsaanslag een brief naar het belastingkantoor waar de stichting of vereniging onder valt. Het adres van het belastingkantoor staat linksboven op de aanslag vermeld. Je kan het adres ook opzoeken via de internetsite van de Belastingdienst.  

Zet in deze brief in elk geval:

  • datum waarop je het bezwaar verstuurt
  • naam en adres van de stichting of vereniging
  • aanslag waartegen je bezwaar maakt
  • aanslagnummer
  • reden van het bezwaar
  • naam en handtekening onderaan de brief

Wat stuur je mee?

Heb je documenten die het bezwaar ondersteunen, zoals jaarrekeningen? Stuur daarvan dan ook kopieën mee. Stuur nóóit originelen mee.

Niet verplicht, maar wel handig: zet je telefoonnummer en e-mailadres in het bezwaar.

Hoe verder?

Heeft de Belastingdienst het bezwaar ontvangen? Dan krijg je binnen 2 weken een ontvangstbevestiging. Meer informatie over wanneer je de beslissing op het bezwaar ontvangt lees je op de internetsite van de Belastingdienst.