Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

Wanneer is een stichting of vereniging een btw-ondernemer?

Een stichting of vereniging is btw-ondernemer als deze met inzet van 'kapitaal en arbeid', 'zelfstandig, duurzaam en tegen vergoeding deelneemt aan het economisch verkeer'. Het maakt daarbij niet uit of de stichting of vereniging wel of geen winst wil maken.

Alle verschillende elementen worden verderop uitgelegd.

Een stichting of vereniging wordt nooit zomaar aangemerkt als btw-ondernemer. Dit hangt af van de unieke situatie die voor elke stichting of vereniging verschilt.

Hieronder staan een aantal voorbeelden van belaste leveringen van goederen en diensten:

  • Een carnavalsvereniging verkoopt eten en drinken tijdens carnaval. Er worden entreekaarten verkocht voor de carnavalszitting. Ook wordt er omzet behaald met advertenties en met de verkoop van staanplaatsen tijdens de optocht.
  • Een tennisvereniging organiseert wedstrijden voor leden en niet-leden. Leden kunnen tegen betaling gebruikmaken van tennislessen. Verder ontvangt de tennisvereniging subsidie van de gemeente en sponsoring van ondernemers.
  • Een stichting die zich wereldwijd bezighoudt met de bestrijding van virussen houdt elke 2 jaar een conferentie. Voor de entree wordt een vergoeding (geld) gevraagd. Bij binnenkomst krijgen alle deelnemers een tijdschrift.
  • Een stichting die een landgoed beheert met streekmuseum en de horeca die erbij hoort, vraagt entree voor het streekmuseum. Elk jaar wordt er op het landgoed de 'ridderspelen' georganiseerd, waar entree voor wordt gevraagd.

Het begrip 'ondernemer'

Het begrip 'ondernemer' is voor de omzetbelasting anders dan voor de inkomsten- en vennootschapsbelasting. Is een stichting voor de vennootschapsbelasting geen ondernemer omdat bijvoorbeeld het winststreven ontbreekt? Dan kan zij voor de omzetbelasting toch ondernemer zijn. Lees bij Wanneer is een stichting of vereniging belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting? hier meer over.

Organisatie van kapitaal en arbeid

Kapitaal

Aan dit eerste onderdeel van de definitie is snel voldaan. Een pen, papier of laptop vormen al genoeg kapitaal. Het gaat om alle gereedschappen en middelen die nodig zijn om een stichting of vereniging te drijven.

Arbeid

Ook arbeid (werk) is snel aanwezig. Elke aanwezige arbeid is in principe voldoende. De voorzitter of penningmeester hoeft het werk niet zelf uit te voeren. De stichting of vereniging kan de werkzaamheden ook door derden laten uitvoeren, zoals bijvoorbeeld personeel of vrijwilligers.

Duurzaam streven

Behalve kapitaal en/of arbeid moet er in de stichting of vereniging sprake zijn van een duurzaam streven. Dit betekent dat er regelmatig aan het economisch verkeer moet worden deelgenomen. De stichting of vereniging die incidenteel prestaties verricht is geen btw-ondernemer. Duurzaam streven wil niet zeggen dat er over een lange periode prestaties hoeven plaats te vinden. Ook een stichting of vereniging die maar kort bestaat kan tijdens haar bestaan duurzaamheid nastreven.

Voorbeeld

Een stichting die is opgericht om 1 keer in een periode van 2 maanden een bloemententoonstelling te organiseren is btw-ondernemer. De stichting is er namelijk twee maanden alleen maar bezig geweest met het organiseren van die bloemententoonstelling. Er worden vergaderingen gepland, kaartjes voor de tentoonstelling verkocht, enzovoorts.

Deelname economisch verkeer

Er is sprake van een prestatie in het economisch verkeer als een stichting of vereniging een prestatie levert aan personen die niet tot de eigen kring behoren. Van een eigen of besloten kring is niet gauw sprake. Bij een eigen kring moet je denken aan directe familie, zoals ouders, kinderen en partner. De samenstelling van de eigen kring verandert ook niet snel.

Voorbeelden

Een schaakvereniging die prestaties verricht voor haar leden tegen een vergoeding neemt deel aan het economisch verkeer. De leden zijn niet uit de eigen kring, omdat iedereen lid kan worden. Dit is ook het geval bij een personeelsvereniging die tegen een vergoeding uitstapjes organiseert voor haar leden. Dit is geen eigen kring omdat het personeel kan veranderen.

Prestaties tegen vergoeding

Een stichting of vereniging moet prestaties tegen een vergoeding verrichten om als btw-ondernemer te worden aangemerkt.

Maar er zijn ook prestaties waar zij over het algemeen geen btw voor hoeft te betalen. Dit zijn prestaties om niet en prestaties tegen een symbolische vergoeding. Prestaties om niet zijn prestaties zonder vergoeding of tegenprestatie. Het presteren tegen een symbolische vergoeding is vergelijkbaar met presteren om niet. Een vergoeding is pas symbolisch als die zo laag is dat de prijs feitelijk geen enkele betekenis heeft. Het kan per situatie verschillen wat een symbolische vergoeding is of niet.

Voorbeeld

Een bibliotheek met een verzameling filosofische boeken leende boeken uit tegen een symbolische vergoeding. De rechter vond dat er geen sprake was van diensten tegen een vergoeding. Voor haar overige prestaties, te weten het uitlenen van boeken, was de bibliotheek wel ondernemer.

Zelfstandig

De eis van zelfstandigheid is in de eerste plaats gesteld om te voorkomen dat werknemers in loondienst in de btw-heffing worden betrokken. Wie in dienstbetrekking is, kan voor die prestaties geen btw-ondernemer zijn. Bij het beoordelen van de zelfstandigheid is de situatie in de praktijk doorslaggevend, niet de juridische situatie. Veel factoren spelen hierin een rol in. Hoe deze factoren met elkaar samenhangen bepaalt of de stichting of vereniging zelfstandig is of niet. Het ontbreken van 1 factor betekent niet gelijk dat de stichting of vereniging niet zelfstandig is. Om te beoordelen of een stichting of vereniging zelfstandig is, kunnen bijvoorbeeld de volgende factoren meetellen:

  • het karakter van de werkzaamheden
    Lijkt het karakter van het werk van buiten loondienst veel op het werk wat wél in loondienst wordt uitgevoerd (bijvoorbeeld het werk van een secretaris)? Dan zal er niet snel sprake zijn van zelfstandigheid.
  • het optreden naar buiten toe
    Hier kan je denken aan een internetsite, advertenties, en reclame. Bijvoorbeeld een voetbalvereniging die door reclame leden werft in de plaatselijke krant.
  • het lopen van ondernemersrisico
    Hieronder wordt verstaan het zelfstandig en voor eigen risico verwerven van opdrachten.
  • het aantal opdrachtgevers
    Als een stichting of vereniging meerdere opdrachtgevers heeft, is dit een indicatie van zelfstandigheid.
  • het gebruik van eigen bedrijfsmiddelen, zoals gereedschappen
    Bijvoorbeeld een golfvereniging die zijn eigen golfclubs heeft.
  • de verplichting tot persoonlijke arbeid
    Als de stichting of vereniging een vervanger voor personeel moet zoeken bij ziekte, dan is dit een indicatie van zelfstandigheid.
  • de aanwezigheid van een arbeidsovereenkomst (contract) en de duur hiervan
  • de mate van toezicht en het geven van instructies
  • de vrijheid om zelf je werktijden in te delen

Wel of geen winststreven

Om te voldoen aan het btw-ondernemerschap maakt het voor een stichting of vereniging niet uit of deze wel of geen winst maakt of wel of niet naar winst streeft. Het kan zijn dat bestuurders van een stichting of vereniging in de statuten hebben opgenomen dat de stichting of vereniging geen winststreven heeft. Door deze bepaling kunnen bestuurders denken dat ze niks met omzetbelasting te maken hebben. Dit is niet zo. Wel of niet naar winst streven zegt namelijk niets over het btw-ondernemerschap.