Aftrek voorbelasting
Publicatiedatum 22-07-2026 | Laatste update 29-07-2026
Als de stichting of vereniging uitgaven doet voor belaste prestaties, dan mag je de btw hierover aftrekken. Dit noemt de Belastingdienst aftrekken als voorbelasting. Je doet dit op de btw-aangifte van de stichting of vereniging in rubriek 5b. Hieronder staan een aantal aandachtspunten.
Aftrek voorbelasting: waar moet je op letten?
Op de btw-aangifte geef je niet alleen de btw aan die de stichting of vereniging aan haar afnemers in rekening heeft gebracht. Mogelijk kun je ook de btw aftrekken die de stichting of vereniging zelf heeft betaald. Er zijn wel een aantal zaken waar je namens de stichting of vereniging op moet letten om voor aftrek van voorbelasting in aanmerking te komen. Zorg dat je hiervan op de hoogte bent en neem het op de juiste manier mee in de administratie. Zo zorg je ervoor dat je niet nog allerlei dingen moet controleren als je btw-aangifte gaat doen.
Aftrek voorbelasting alleen bij belaste omzet
De stichting of vereniging mag als btw-ondernemer de btw aftrekken die zij heeft betaald over uitgaven, de voorbelasting. Dit doe je in de btw-aangifte. Het gaat om de btw voor goederen en diensten die de stichting of vereniging gebruikt voor de belaste omzet.
Geen aftrek voorbelasting bij vrijgestelde omzet
Over vrijgestelde omzet berekent de stichting of vereniging geen btw aan haar afnemer (klant). Is de stichting of vereniging vrijgesteld voor de btw? Dan kun je de btw die zij heeft betaald over haar kosten en inkoop hiervoor niet als voorbelasting aftrekken. Je doet ook geen btw-aangifte over vrijgestelde omzet van de stichting of vereniging.
Vrijgestelde omzet
Vrijgestelde omzet is niet hetzelfde als omzet belast tegen het 0%-tarief. Omzet belast tegen 0% vermeld je wel in de btw-aangifte en de voorbelasting over de bijbehorende kosten en inkoop mag je wel op de btw-aangifte van de stichting of vereniging in aftrek brengen.
Voorbelasting bij deels vrijgestelde omzet
Als de omzet van de stichting of vereniging voor een deel is vrijgesteld van btw, dan gelden er ook speciale eisen voor het bijhouden van de voorbelasting in de administratie. Je doet namens de stichting of vereniging alleen btw-aangifte over het deel van haar omzet dat wel met btw belast is. In deze aangifte mag je alleen de voorbelasting aftrekken die betrekking heeft op deze belaste omzet.
Het verschil tussen de vrijgestelde en belaste omzet moet uit de administratie van de stichting of vereniging blijken.

Uitgaven waarover de stichting of vereniging geen btw mag aftrekken als voorbelasting
Hou er rekening mee dat er uitgaven zijn waarover de stichting of vereniging geen btw mag aftrekken.
Dit zijn:
- privéuitgaven die geen onderdeel zijn van de zakelijke uitgaven
- uitgaven voor de vrijgestelde omzet
Zie het kopje ‘Geen aftrek voorbelasting bij vrijgestelde omzet’ hierboven. - uitgaven voor eten en drinken in de horeca
De btw over uitgaven (kosten) die de stichting of vereniging maakt voor eten en drinken in de horeca (ook als er sprake is van zakelijke uitgaven), is niet als voorbelasting aftrekbaar. - uitgaven voor personeelsvoorzieningen, giften en relatiegeschenken
Voor uitgaven voor personeelsvoorzieningen, giften en relatiegeschenken geldt een grens van € 227 euro per persoon per jaar. Zijn er uitgaven boven de € 227? Dan heeft de stichting of vereniging voor het hele bedrag geen btw-aftrek.
Wanneer mag je de voorbelasting in de aangifte aftrekken?
Btw die je aftrekt als voorbelasting bereken je op basis van de facturen die de stichting of vereniging heeft ontvangen in het tijdvak waarover zij aangifte doet. De factuurdatum bepaalt dus in welk tijdvak je de btw-voorbelasting aftrekt.
Geen btw op factuur
In sommige gevallen ontvangt de stichting of vereniging geen factuur of staat er geen btw berekend op de ontvangen factuur. Het kan zijn dat de stichting of vereniging dan toch btw-voorbelasting mag aftrekken in de aangifte. Je berekent dan zelf de aftrekbare btw-voorbelasting. Dat is bijvoorbeeld het geval als de stichting of vereniging zakendoet met het buitenland of als aan de stichting of vereniging btw wordt verlegd.
Meer informatie hierover lees je op de internetsite van de Belastingdienst bij Btw aftrekken als u zakendoet met het buitenland en Verlegde btw aftrekken.

Corrigeer voorbelasting over facturen die de stichting of vereniging niet of slechts gedeeltelijk betaalt
In het algemeen kijk je bij de voorbelasting dus niet naar de betaling van de factuur. Maar soms is dit wel belangrijk. Als de stichting of vereniging de factuur namelijk niet of alleen voor een deel betaalt, dan moet zij de btw terugbetalen die eerder in de btw-aangifte te veel is afgetrokken.
Wanneer moet de stichting of vereniging deze btw dan terugbetalen?
De stichting of vereniging betaalt de btw terug:
- wanneer zij het factuurbedrag (voor een deel) heeft teruggekregen.
- wanneer duidelijk is dat zij de factuur niet (helemaal) gaat betalen.
- maximaal 1 jaar na de uiterste betaaldatum van de factuur (de 1-jaarstermijn).
Je vult deze btw in op de btw-aangifte van de stichting of vereniging over het tijdvak waarin de 1e van deze 3 opties plaatsvindt.
Zorg altijd voor een juiste factuur bij aftrek voorbelasting
Een voorwaarde voor de aftrek van voorbelasting is dat de factuur waarop die voorbelasting aan de stichting of vereniging in rekening wordt gebracht moet voldoen aan de factuureisen, anders mag je de voorbelasting meestal niet aftrekken. Zitten er fouten in de factuur? Meld dit bij de leverancier van de stichting of vereniging, met daarbij de vraag om een creditfactuur op te sturen met een nieuwe juiste factuur.
De volgende 2 punten vragen speciale aandacht:
- Een van de factuureisen is dat het btw-bedrag op de factuur staat. Staat er dus geen btw-bedrag op de factuur? Dan kun je namens de stichting of vereniging geen voorbelasting aftrekken. Je mag in dat geval niet zelf het btw-bedrag gaan uitrekenen. Misschien is er geen btw aan de stichting of vereniging in rekening gebracht omdat de leverancier een btw-vrijstelling heeft. Je mag wél zelf het btw-bedrag uitrekenen bij niet op factuur vermelde btw voor uitgaven voor trein, metro, tram, bus en taxi.
- Een andere eis is dat de naam van de afnemer op de factuur staat. In dit geval is dat de stichting of vereniging. Het is belangrijk dat je kan bewijzen dat de stichting of vereniging degene is die de zakelijke aankoop heeft gedaan. Als de naam van de stichting of vereniging op de factuur staat, dan kan dat.
Aftrek voorbelasting: kassabonnen/vereenvoudigde facturen
Op een kassabon staat niet de naam van de afnemer (de stichting of vereniging). Dit betekent dat een kassabon niet voldoet aan de eerder genoemde factuureisen. Een kassabon alleen lijkt daarom dus niet genoeg om voorbelasting te mogen aftrekken. Hier is wel een uitzondering op:
Is een factuurbedrag € 100 of minder (inclusief btw)? Dan is een vereenvoudigde factuur, te vergelijken met een uitgebreide kassabon, ook goed. Je hoeft dan alleen aannemelijk te maken dat de stichting of vereniging de afnemer is.
De vereenvoudigde factuur (uitgebreide kassabon) moet in ieder geval de volgende gegevens bevatten:
- de datum waarop de factuur/bon is verzonden
- de naam en adresgegevens van de leverancier of dienstverrichter
- welke goederen of diensten zijn geleverd
- het btw-bedrag
Levering van energie en/of brandstof
Bij een levering van energie en/of brandstof (zoals bijvoorbeeld tanken) heb je naast de vereenvoudigde factuur ook een bewijs nodig dat de stichting of vereniging per bank/creditcard heeft betaald.
Is het factuurbedrag hoger dan € 100, dan heb je dus een factuur nodig om namens de stichting of vereniging voorbelasting te mogen aftrekken. Een uitgebreide kassabon is dan niet genoeg. Vraag de leverancier in dat geval om een factuur die voldoet aan de factuureisen.